Film Top 10 – 2013


Het eind van een jaar is – als het dan toch iets moet zijn – een mooi moment om mijn lijstjesdrift weer eens te laten spreken. Mede door een blessure en een chronisch gebrek aan een bruisend en druk sociaal leven is het me dit jaar gelukt om er bijna 200 films doorheen te werken. Soms was dit inderdaad een zware bevalling (Elysium, S1m0ne of waar dieptepunt Borat), maar meestal meer dan de moeite waard.

Nou heeft het ook weinig zin om het zoveelste verhaal over de bij iedereen welbekende populaire topfilms toe te voegen aan de toch al overvolle interwebz, dus dat doen we lekker anders. Zo dwars ben ik dan ook weer wel. Tien geniale films die veel mensen juist níet zullen kennen. Daar heb je toch veel meer aan? Precies. Met uitzondering van de #1 voornamelijk in volstrekt willekeurige volgorde:

 

#10. 1950 – Harvey 8.8 Stars

De meest bekende van het stel. Maar zeker niet de minste. Deze film gaat over Elwood P. Dowd, een altijd vriendelijke en zachtaardige man. Hij oogt wat naïef en stuntelig. Niet gek, want zijn beste vriend is een 6ft 3.5″ (let’s stick to the facts) groot onzichtbaar konijn. Waar iedereen hem voor gek verklaart begrijpen hij en zijn vriend maar niks van alle commotie. Hij rolt zonder er zelf al te veel erg in te hebben van de ene lollige situatie in de andere.

Waar de moderne comedyfilms het vaak moeten hebben van lompe en harde humor laat deze film zich juist kenmerken door een haast aandoenlijk soort humor. Je zult dus waarschijnlijk niet al bulderend over de grond rollen van het lachen, maar eerder met een anderhalf uur durende glimlach kijken naar deze film.

 

#9. 1947 – Black Narcissus 8.6 Stars

Technicolor! In deze film mogen we genieten van prachtige kleurrijke beelden die niet onderdoen voor films uit deze tijd. Een groep zusters vertrekt uit het klooster om hun intrek te doen in een oude tempel op een berg. De onderlinge spanningen lopen hoog op.

Naast het verhaal is het tijdens deze film vooral genieten van de beelden. Ik kon me maar moeilijk voorstellen dat films uit die tijd in kleur konden zijn. Het blijkt dus dat dit toen wel degelijk kon, maar een zeer moeilijk, duur en tijdrovend proces was. Daarom werd het dus maar  zelden gedaan. Echt goede films in kleur uit die periode zijn dus nog moeilijker te vinden, maar het is met deze wel degelijk gelukt.

 

#8. 1995 – La Cité Des Enfants Perdus (The City of Lost Children) 9.0 Stars

Als compleet absurdistische films je ding zijn is dit een must see. In dit soort van donkeromrand sprookjesverhaal dat zich afspeelt in een surrealistische steampunky Sci-Fi omgeving worden kinderen ontvoerd door een slechterik. En niet zomaar een. Deze bad guy heeft een oom, waarvan de hersens in een aquarium zitten. Daarnaast lopen er ook nog heul veul van dezelfde niet al te snuggere hulpjes rond.

Het doel van het ontvoeren van kinderen is om hun dromen stelen om zo minder snel oud te worden. Dit is natuurlijk not done, dus moet daar iets aan gedaan worden. Met behulp van een jong grietje, een oude gast in een onderzeeër, een soort van GVR en wat ander vreemd volk komt dat vast goed.

Andere films die hiermee te vergelijken zijn: Delicatessen (zelfde makers), Tideland (maar ook veel andere Terry Gilliam films) en Pan’s Labyrinth.

 

#7. 2001 – Sennen Joyû (Milennium Actress) 9.4 Stars

Niet alle Japanse anime barst van de vreemde robots, rare monsters of vrouwen met borsten die die van Barbie niet veel groter dan twee pinda’s doen lijken.

In dit meeslepende drama wordt een oude filmster geïnterviewd. Dit is schijnbaar vrij uniek, aangezien ze nooit interviews geeft. Deze interviewer brengt echter een sleutel mee. Wat volgt is het levensverhaal van de actrice, waarin de sleutel steeds een sleutelrol speelt.

Wanneer je deze film gaat kijken, zorg dan dat je de originele Japans gesproken versie neemt. Zoals alle (ja alle) Japanse animefilms zijn ze honderdmiljoenmiljard keer beter in de originele taal met ondertitels, dan wanneer ze door een zootje Disneysterretjes nagesproken worden. En mocht deze film bevallen kan ik meteen alle (ja alle) films van Satoshi Kon aanbevelen: Perfect Blue, Tokyo Godfathers en Paprika.

#6. 2004 – Les Choristes (The Chorus) 9.6 Stars

Deze film moet de mooiste soundtrack ever hebben. Het verhaal gaat over een man die komt te werken bij een Frans kosthuis voor moeilijk opvoedbaren jongens. Het gedrag van de jongens is in het begin verschrikkelijk. Dit komt mede door het schoolbeleid ‘action is reaction’. Dit betekent concreet dat slecht gedrag bestraft wordt met zware straf, wat weer wordt vergeld met nog slechter gedrag. De nieuwe leraar probeert de kinderen via muziek tot de orde te roepen.

Het plot is niet erg realistisch te noemen, maar dat neemt niet weg dat je soms lachend en soms jankend op de bank zit. Soms moet je terugdenken aan de streken die jij en je klasgenoten vroeger uithaalden.

 

#5. 1975 – Picnic at Hanging Rock 8.7 Stars

Nobody knows what really happened. In dit ietwat abstracte verhaal verdwijnen een aantal kinderen en een lerares tijdens een uitje naar Hanging Rock. De school moet leren omgaan met een niet opgelost mysterie, terwijl de zoektocht door blijft gaan.

Ondanks de vaagheid is dit een erg mooie en vermakelijke film van de maker van o.a. The Truman Show. Het zet zeker aan tot nadenken.

 

#4. 1955 – Du Rififi Chez Les Hommes (Rififi) 9.0 Stars

Rififi

Rififi – Cracking the vault

Bij gebrek aan een Franse trailer moeten we het maar doen met een screencap van de meest kenmerkende scene uit deze film. Een +-20 minuten (!) durende heist-scene waarin geen woord gesproken wordt. Retespannend dus. Daarmee is alles ook wel gezegd. Aanrader!

 

#3. 1978 – Höstsonaten (Autumn Sonata) 9.1 Stars

De meeste films van Ingmar Bergman moeten het niet hebben van een plot vol gebeurtenissen en twists. Zo ook het plot voor dit gezinsdrama. Doet dat er toe? Nee.

Met in de hoofdrollen moeder (Ingrid Bergman) en dochter (Liv Ullmann – die wat mij betreft de show steelt in deze film). De moeder is een wereldberoemde pianist die na jaren van verwaarlozing haar dochter komt opzoeken. Ze trekt tijdelijk in het huis van haar dochter. Tot haar verassing verzorgt haar dochter haar tweede, geestelijk zieke, dochter thuis.

Wat volgt is de dochter’s zoektocht naar haar moeder’s erkenning en misschien ook wel excuses, terwijl haar moeder er alles aan doet om te verbergen dat ze zich schaamt dat haar ene dochter maar een beetje gemiddeld, en de andere geestesziek en voornamelijk bedledig is. Beiden lijken de wil te tonen om er nog iets van te maken, maar met het moeilijke verleden vol opgekropte woede, teleurstellingen, verwaarlozing en pijn blijkt dit een wellicht onmogelijke opgave.

 

#2. 1964 – Suna No Onna (Woman in the Dunes) 9.8 Stars

Schep je zand om te leven, of leef je om zand te scheppen? Die vraag stelt de hoofdpersoon in deze film zich. Jumpei heeft in zijn leven als doel om een of ander tot dan toe onbekend insect te vinden in de duinen ergens in Japan (spannend!). Na een dag beestjes zoeken komt hij daar iemand tegen die hem verteld dat de laaste bus naar de stad is vertrokken. Hij biedt vervolgens aan om hem mee te nemen naar het dorp, om daar bij iemand te overnachten.

Via een touwladder klimt hij een duin in. Beneden is een houten hutje waarin een vrouw woont. Deze vrouw spendeert bijna al haar tijd aan het schoonvegen en wegscheppen van het zand dat constant naar beneden sijpelt, in, op en om haar hut. De volgende ochtend besluit Jumpei te vertrekken en komt hij tot de conclusie dat de touwladder weg is en niet meer terug komt…

 

#1. 1986 – Jean de Florette & Manon des Sources 9.9 Stars

Het lekkerste – of in dit geval beste – moet je tot het laatst bewaren, aldus de wijze woorden van mijn vader. Dit episch tweeluik dient integraal (4 uur) bekeken te worden.

Jean de Florette begint met Jean (Gerard Depardieu) die met zijn vrouw en dochter van de grote stad verhuist naar het platteland. Ze hebben na de dood van Jean’s moeder, Florette, een lap grond met een huis geërfd. Jeans werklust, positieve levensopvatting en een aantal wetenschappelijke boeken over het plattelandsleven, flora en fauna moeten volstaan om het leven ook hier succesvol te laten zijn.

Tegelijkertijd keert Ugolin (Daniel Auteuil) terug uit militaire dienst. Hij en zijn vader César (Yves Montand) zijn de enig overgebleven leden van invloedrijke en welbedeelde familie Soubeyran. César, inmiddels op leeftijd, wil graag dat de bloedlijn van zijn familie wordt voortgezet door zijn zoon. Die is echter niet de meest snuggere.

Ugolin krijgt het idee om bloemen te verbouwen. César ziet dit als de uitgelezen kans om zijn zoon, hemzelf en de familie in aanzien te doen stijgen. Er is echter een probleem: bloemen hebben water nodig. Heel veel water.

En laat op het land wat Jean heeft geërfd nou net een waterbron liggen. Gelukkig maar dat Jean niks snapt van het platteland, en dat zijn boekjes hem vast ook niet gaan helpen. En mocht het nou toch nodig zijn, César en Ugolin ook wel een handje helpen. Bijvoorbeeld door de bron vol te gieten met cement en deze vervolgens te begraven.

De eerste film focust zich op Jean’s strijd tegen de elementen, de Soubeyrans en zichzelf. De tweede film speelt zich een jaar of 15 later af. Daarover helaas niks in dit stukje proza, om zodoende niet teveel te verklappen over het verdere verloop van het verhaal. Met vier uur aan prachtige beelden, mooie muziek, geniaal acteerwerk, de boezem van Emmanuelle Béart en een verhaal dat zich qua intensiteit kan meten met The Godfather is dit een van de beste films ooit gemaakt. There, I said it.

 

 

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *